ECLI:NL:RBSGR:2006:AZ1162
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen boete wegens overtreding Wet arbeid vreemdelingen
Eiseres, een vennootschap onder firma, kreeg een boete opgelegd wegens het laten verrichten van arbeid door een vreemdeling zonder tewerkstellingsvergunning en het niet naleven van de identificatieplicht zoals voorgeschreven in de Wet arbeid vreemdelingen (Wav).
De rechtbank oordeelde dat eiseres onder de ruime definitie van werkgever valt en dat zij verantwoordelijk is voor het controleren van de identiteit van haar werknemers, ook als deze via een uitzendbureau worden ingezet. De overtredingen zijn aan eiseres toe te rekenen en het opleggen van de boete was daarom terecht.
Verder concludeerde de rechtbank dat de opgelegde boete van €9.500,- in redelijke verhouding staat tot de ernst van de overtredingen en dat er geen bijzondere omstandigheden waren die matiging rechtvaardigen. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de boete wegens overtreding van de Wet arbeid vreemdelingen wordt ongegrond verklaard.