ECLI:NL:RBSGR:2006:AY6916
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Verzoek tot echtscheiding niet ontvankelijk wegens ontbreken huwelijksakte
Verzoekers, een man en een vrouw afkomstig uit de voormalige Sovjetunie en woonachtig in Nederland, dienden een gemeenschappelijk verzoek tot echtscheiding in bij de rechtbank 's-Gravenhage. De rechtbank stelde vast dat partijen niet voldeden aan de vereiste van artikel 815 lid 2 onder Pro a van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering, omdat zij geen afschrift of uittreksel van de huwelijksakte hadden overgelegd.
De rechtbank verzocht meerdere malen om overlegging van originele documenten, waaronder verklaringen onder belofte en bewijsstukken omtrent de vluchtelingenstatus en verblijfsvergunningen. Verzoekers konden deze stukken niet overleggen, met als reden dat zij niet in het bezit waren van de originele documenten en dat de gemeente geen originele verklaringen verstrekte.
Hoewel verzoekers stelden dat zij in 1998 in St. Petersburg waren gehuwd en niet over een huwelijksakte beschikten, maakten zij onvoldoende aannemelijk dat het redelijkerwijs onmogelijk was om een authentiek afschrift van de huwelijksakte te verkrijgen. De rechtbank concludeerde daarom dat het verzoek niet ontvankelijk moest worden verklaard.
De beschikking werd uitgesproken door rechter A.C. Olland op 5 april 2006, waarbij verzoekers niet ontvankelijk werden verklaard in hun verzoek tot echtscheiding.
Uitkomst: Verzoekers worden niet ontvankelijk verklaard wegens het niet overleggen van een huwelijksakte.