ECLI:NL:RBSGR:2006:AY6603
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag wegens onvoldoende bewijs Burundese herkomst op basis van taalanalyse
Eiser, afkomstig uit Burundi, verzocht om een verblijfsvergunning asiel. Verweerder wees de aanvraag af op basis van een taalanalyse die concludeerde dat eiser niet uit Burundi afkomstig is. Eiser bracht een contra-expertise in die zijn Burundese herkomst ondersteunde, maar verweerder liet een tweede analyse uitvoeren die de eerste bevestigde.
De rechtbank benoemde vervolgens een onafhankelijke deskundige verbonden aan de universiteit van Burundi, die concludeerde dat het Swahili van eiser geen Burundees accent heeft en dat de beperkte Kirundische elementen waarschijnlijk aangeleerd zijn zonder diepgaande kennis van taal en cultuur. Ondanks bezwaren over de opnamekwaliteit en het bekend worden van eisers naam bij de deskundige, achtte de rechtbank het rapport betrouwbaar.
De rechtbank oordeelde dat verweerder terecht heeft geconcludeerd dat eiser onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt uit Burundi te komen, waardoor geen verblijfsvergunning kon worden toegekend. Het beroep werd ongegrond verklaard, en partijen werden gewezen op de mogelijkheid van hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de verblijfsvergunning asiel wordt ongegrond verklaard.