ECLI:NL:RBSGR:2006:AY6557
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke toetsing asielaanvraag Syriër wegens marteling en risico bij terugkeer
Eiser, een Syrische asielzoeker, diende een aanvraag in voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, welke door verweerder werd afgewezen. De rechtbank toetste het bestreden besluit waarbij verweerder onvoldoende had gemotiveerd waarom eiser bij terugkeer naar Syrië geen reëel risico zou lopen op een behandeling in strijd met artikel 3 EVRM Pro.
Eiser had verklaard tijdens detentie door de Syrische veiligheidsdienst ernstig te zijn mishandeld met het oog op het verkrijgen van informatie over smokkelactiviteiten. De mishandeling werd door verweerder niet als ernstig genoeg beschouwd, mede omdat eiser geen doktersbehandeling nodig had gehad. De rechtbank oordeelde echter dat de mishandeling, gelet op aard, ernst en frequentie, wel degelijk als ernstige mishandeling en mogelijk marteling moet worden aangemerkt.
Verder stelde de rechtbank vast dat verweerder onvoldoende had gemotiveerd waarom de mishandeling niet als marteling kon worden beschouwd, terwijl eiser geloofwaardig had verklaard dat de mishandeling plaatsvond met instemming of gedogen van overheidsfunctionarissen. De rechtbank vernietigde het bestreden besluit en droeg verweerder op binnen zes weken opnieuw te beslissen, met inachtneming van de overwegingen in deze uitspraak.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het afwijzingsbesluit vernietigd wegens onvoldoende motivering over het risico op marteling bij terugkeer.