ECLI:NL:RBSGR:2006:AX8458
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verblijfsvergunning zelfstandige wegens ontbreken wezenlijk Nederlands economisch belang
Eiser, een Turkse vreemdeling, verzocht om een verblijfsvergunning voor bepaalde tijd onder de beperking arbeid als zelfstandige. Verweerder wees primair het mvv-vereiste tegen en subsidiair het ontbreken van een wezenlijk Nederlands economisch belang. Eiser stelde dat de tegenwerping van het mvv-vereiste onterecht was op grond van het Besluit 1/80 tussen Turkije en de EEG.
De rechtbank oordeelde dat eiser geen belang had bij een inhoudelijke beoordeling van de mvv-grond, omdat de subsidiaire grond van het ontbreken van een wezenlijk Nederlands economisch belang de afwijzing zelfstandig kan dragen. De rechtbank verwierp ook het beroep op reformatio in peius, omdat verweerder bevoegd is om de beslissing op bezwaar op andere gronden te baseren zonder dat eiser daardoor in een slechtere positie komt.
Een nieuw aangevoerde beroepsgrond over het economische belang werd wegens strijd met de goede procesorde buiten beschouwing gelaten. Het beroep werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de weigering van de verblijfsvergunning wordt ongegrond verklaard.