ECLI:NL:RBSGR:2006:AX6793
Rechtbank 's-Gravenhage
- Schadevergoedingsuitspraak
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen bewaring wegens vermeend slachtofferschap mensenhandel en afwijzing schadevergoeding
De zaak betreft een beroep van een vreemdeling die in bewaring is gesteld op grond van artikel 59 van Pro de Vreemdelingenwet 2000 vanwege illegaal verblijf en een lopend strafrechtelijk onderzoek naar mensenhandel. De eiser stelde dat de bewaring onrechtmatig was omdat hem niet onmiddellijk de B9-procedure was aangeboden, die vermoedelijke slachtoffers van mensenhandel een bedenktijd geeft om aangifte te doen.
De rechtbank overwoog dat de B9-procedure aan eiser is aangeboden na de inbewaringstelling, conform het beleid, en dat het feit dat er al een aanwijzing was dat eiser slachtoffer was, niet betekent dat de procedure eerder had moeten worden aangeboden. Ook werd benadrukt dat mogelijke slachtoffers een eigen verantwoordelijkheid dragen voor hun illegale verblijf.
Verder was onbetwist dat eiser illegaal in Nederland verbleef en dat hij direct aangaf geen aangifte te willen doen. De rechtbank oordeelde dat de bewaring rechtmatig was, dat de openbare orde de maatregel rechtvaardigde en dat verweerder voldoende voortvarend handelde richting uitzetting. Het beroep werd ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.