ECLI:NL:RBSGR:2006:AX4215
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- B. van ‘t Laar
- Rechtspraak.nl
Bestreden besluit afgewezen asielverzoek wegens onterecht tegengeworpen binnenlands vluchtalternatief
Eiser, een burger van de Democratische Republiek Congo (DRC), diende op 16 februari 2003 een asielaanvraag in wegens vrees voor vervolging door de Rassemblement Congolais pour la Democratie (RCD Goma). De minister wees de aanvraag af met het argument dat eiser zich aan vervolging kon onttrekken door zich elders in de DRC te vestigen, met name in Kinshasa, waar de RCD Goma niet aan de macht zou zijn.
De rechtbank stelde vast dat eiser terecht vrees heeft voor vervolging en dat de RCD Goma deel uitmaakt van de overgangsregering in de DRC, waardoor vervolging in het vermeende vluchtalternatief uitgaat van de centrale overheid of aan de overheid gelieerde organisaties. Dit betekent dat op grond van het beleid geen binnenlands vluchtalternatief kan worden tegengeworpen.
De rechtbank oordeelde dat de minister onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat eiser in het binnenlandse vluchtalternatief bescherming kan verkrijgen en dat de verwijzing naar ambtsberichten niet volstaat. Daarnaast werd het beroep op artikel 3 EVRM Pro gegrond verklaard vanwege het reële risico op een behandeling in strijd met dit artikel. Het bestreden besluit is daarom in strijd met de Algemene wet bestuursrecht onvoldoende zorgvuldig voorbereid en wordt vernietigd.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het bestreden besluit vernietigd wegens onterecht tegengeworpen binnenlands vluchtalternatief.