ECLI:NL:RBSGR:2006:AV7778
Rechtbank 's-Gravenhage
- Kort geding
- H.F.M. Hofhuis
- Rechtspraak.nl
Beoordeling bijdrage Zorgverzekeringswet voor in buitenland wonende Nederlandse gepensioneerden
Eisers, bestaande uit een stichting en vijf individuele Nederlandse gepensioneerden woonachtig in verschillende EU-landen, spanden een kort geding aan tegen de Staat over onderdelen van de Zorgverzekeringswet (Zvw) en de Regeling zorgverzekering (Rzv). Zij stelden dat zij op grond van Europese verordeningen een keuzerecht hebben om niet deel te nemen aan het woonlandpakket en dat de bijdrageheffing, met name de AWBZ-bijdrage, onrechtmatig en disproportioneel is.
De voorzieningenrechter onderzocht de toepassing van Verordeningen 1408/71 en 574/72 en het nationale recht. Hij oordeelde dat het keuzerecht zoals door eisers voorgesteld niet onmiskenbaar voortvloeit uit het gemeenschapsrecht en dat de bijdrageheffing binnen de ruime beoordelingsvrijheid van de lidstaat valt. Wel constateerde de rechter dat de forfaitaire bijdrageheffing ongelijke gevallen gelijk behandelt, wat strijdig is met algemene rechtsbeginselen en mogelijk het vrije verkeer belemmert.
Daarom werd de Staat bevolen om de bijdrageheffing uit artikel 6.3.1 Rzv buiten toepassing te laten voor zover deze hoger is dan het bedrag dat Nederland aan het woonland betaalt. Tevens moet de Staat bevorderen dat het College zorgverzekeringen zich hieraan houdt. De overige vorderingen, waaronder het erkennen van het keuzerecht en het informeren van zorgverzekeraars, werden afgewezen. De uitspraak geldt als voorlopige voorziening en vervalt bij het niet starten van een bodemprocedure binnen een maand of bij een definitieve uitspraak in die procedure.
Uitkomst: De bijdrageheffing voor in het buitenland wonende Nederlandse gepensioneerden wordt beperkt tot het bedrag dat Nederland aan het woonland betaalt; overige vorderingen worden afgewezen.