ECLI:NL:RBSGR:2005:AW2450
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling ingangsdatum verblijfsvergunning asiel en motivering intrekking eerder besluit
Eiser, van Iraakse nationaliteit, verzocht de intrekking of heroverweging van een eerder afwijzend besluit van 11 september 2001 en diende een nieuwe asielaanvraag in op 6 oktober 2004. Verweerder verleende daarop een verblijfsvergunning asiel met ingang van 6 oktober 2004. Eiser betwistte de ingangsdatum en stelde dat deze terug had moeten gaan tot 25 november 2002, conform het categoriaal beschermingsbeleid.
De rechtbank constateerde een motiveringsgebrek omdat verweerder niet op het verzoek tot intrekking van het eerdere besluit was ingegaan. Desondanks zag de rechtbank onvoldoende grond om het besluit te vernietigen, omdat verweerder bevoegd is om afwijzende besluiten terug te nemen en de toetsing daarvan marginaal is. Eiser bracht geen feiten of argumenten aan die tot een andere conclusie noodzaken.
Voorts oordeelde de rechtbank dat het eerdere bindende oordeel van de rechtbank Alkmaar over de wijziging van de veiligheidssituatie in Irak niet kan worden herzien. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en er werden geen proceskosten toegewezen.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de ingangsdatum van de verblijfsvergunning blijft 6 oktober 2004.