ECLI:NL:RBSGR:2005:AU9322
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling beroep tegen aanslag premie ziekenfondswet en toepassing keuzeregeling
Eiser, een zelfstandige, kreeg een aanslag in de premie ziekenfondswet voor 2003 opgelegd. Na bezwaar en beroep tegen de voorlopige aanslag, waarbij eiser een beroep deed op de keuzeregeling, werd dit bezwaar niet-ontvankelijk verklaard wegens termijnoverschrijding. Het gerechtshof bevestigde dit oordeel. Vervolgens werd een definitieve aanslag opgelegd, waartegen eiser opnieuw bezwaar maakte en beroep instelde bij de rechtbank.
De kern van het geschil betrof de vraag of eiser, nu de beschikking onherroepelijk vaststaat, alsnog een beroep kon doen op de keuzeregeling die het mogelijk maakt om het inkomen over een andere referteperiode te laten meewegen bij de premieheffing. De rechtbank oordeelde dat de Regeling tijdvak en inkomen ziekenfondsverzekering zelfstandigen op juiste wijze uitvoering geeft aan de wettelijke bepalingen en dat de termijn van zes weken strikt geldt voor het indienen van een verzoek tot toepassing van de keuzeregeling.
Omdat eiser het verzoek niet binnen deze termijn had ingediend, was toepassing van de keuzeregeling niet mogelijk. De aanslag werd daarom terecht opgelegd. De rechtbank wees erop dat het niet op de weg van verweerder ligt dat eiser niet van de Regeling op de hoogte was. Het beroep werd ongegrond verklaard en er werden geen proceskosten aan verweerder toegekend.
Uitkomst: Het beroep tegen de aanslag premie ziekenfondswet is ongegrond verklaard omdat de keuzeregeling niet tijdig is aangevraagd.