ECLI:NL:RBSGR:2005:AU6327
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing verblijfsvergunning asiel Liberia wegens onvoldoende motivering categoriebeleid
Eiser, een Liberiaanse asielzoeker, verzocht om een verblijfsvergunning asiel. Hij baseerde zijn aanvraag op zijn vlucht uit Liberia vanwege oorlog en persoonlijke bedreigingen, waaronder het verlies van familieleden en zijn gedwongen betrokkenheid bij rebellenactiviteiten. Verweerder wees de aanvraag af, stellende dat geen categoriaal beschermingsbeleid voor Liberia geldt, mede vanwege het beleid van andere Europese landen.
De rechtbank onderzocht de drie indicatoren uit artikel 3.106 Vreemdelingenbesluit 2000, waaronder het beleid van andere Europese landen. Verweerder baseerde zijn standpunt op een ambtsbericht waarin slechts vier landen werden genoemd, waarvan slechts het Verenigd Koninkrijk als omringend land geldt. Andere belangrijke Europese landen met grote asielpopulaties werden niet betrokken.
De rechtbank oordeelde dat verweerder zich zonder nadere motivering niet redelijkerwijs op het beleid van andere Europese landen kon beroepen om geen categoriaal beschermingsbeleid te voeren. De rechtbank verklaarde het beroep gegrond wegens schending van het motiveringsvereiste, vernietigde het besluit en bepaalde dat verweerder een nieuw besluit moet nemen met inachtneming van deze uitspraak. Tevens werd verweerder veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit tot afwijzing van de verblijfsvergunning wordt vernietigd wegens onvoldoende motivering.