ECLI:NL:RBSGR:2005:AU4704
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen boete illegale tewerkstelling
Verzoeker, een ondernemer met een eenmanszaak, kreeg op 15 juli 2005 een boete van €11.000,- opgelegd wegens overtreding van de Wet arbeid vreemdelingen (Wav). Hij stelde dat hij niet kon weten dat illegale vreemdelingen in zijn bedrijf werkten en vroeg de rechtbank om een voorlopige voorziening om betaling van de boete op te schorten.
De voorzieningenrechter overwoog dat de wetgever heeft bepaald dat bezwaar of beroep tegen een boete geen schorsende werking heeft, mede vanwege het lik-op-stukbeleid tegen illegale tewerkstelling. Verweerder bood betalingsregelingen aan, en verzoeker kon hier nog om verzoeken.
Verzoeker had geen stukken overgelegd die aantonen dat betaling van de boete tot een acute financiële noodsituatie zou leiden. Het belang van de overheid bij handhaving van de Wav weegt zwaarder dan het belang van verzoeker om betaling op te schorten.
Daarom werd het verzoek tot voorlopige voorziening afgewezen. De voorzieningenrechter zag geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het verzoek tot voorlopige voorziening tegen de boete wordt afgewezen wegens ontbreken van spoedeisend belang.