ECLI:NL:RBSGR:2005:AT7883
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- C.C. Dedel-van Walbeek
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aansprakelijkheid voor gezondheidsschade militair na uitzending Cambodja
Eiser, een militair die in 1992 deelnam aan de vredesmissie in Cambodja, vordert vergoeding van gezondheidsklachten die hij toeschrijft aan zijn uitzending. Na diverse onderzoeken, waaronder een onafhankelijk wetenschappelijk onderzoek en een incidenteel geneeskundig onderzoek, is geen eenduidige somatische oorzaak voor het klachtencomplex vastgesteld. Verweerder, de Staatssecretaris van Defensie, wijst aansprakelijkheid af op grond van de norm van de Centrale Raad van Beroep en stelt dat hij zorgvuldig heeft gehandeld.
De rechtbank beoordeelt dat eiser onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat zijn klachten het gevolg zijn van de uitoefening van zijn werkzaamheden. Ook is geen sprake van onrechtmatig handelen door verweerder met betrekking tot medische zorg en het voorschrijven van malariamedicatie. Daarnaast faalt het beroep op goed werkgeverschap en artikel 115 AMAR Pro omdat geen bijzondere omstandigheden zijn vastgesteld.
De rechtbank concludeert dat het beroep ongegrond is en dat verweerder niet aansprakelijk is voor de door eiser gestelde gezondheidsschade. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Centrale Raad van Beroep.
Uitkomst: Het beroep van de militair wordt ongegrond verklaard en verweerder wordt niet aansprakelijk gehouden voor de gezondheidsschade.