ECLI:NL:RBSGR:2005:AT7117
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- E. Klein Egelink
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing verblijfsvergunning alleenstaande minderjarige asielzoeker wegens onjuiste aanvraagdatum
Eiser, een alleenstaande minderjarige vreemdeling van Chinese nationaliteit, meldde zich op 28 december 2000 in het Aanmeldcentrum te Zevenaar om asiel aan te vragen, maar werd pas op 9 januari 2001 in de gelegenheid gesteld een formele aanvraag in te dienen. De IND wees de aanvraag af en stelde dat het nieuwe beleid van toepassing was, waarbij de latere datum gold als aanvraagdatum.
De rechtbank oordeelde dat zowel het oude als het nieuwe beleid vereisen dat een asielzoeker met onverwijldheid in de gelegenheid wordt gesteld een formele aanvraag te doen. Het feit dat eiser pas na twaalf dagen een aanvraag kon indienen, was onrechtmatig. Daarom had het oude beleid moeten worden toegepast, waarbij 28 december 2000 als aanvraagdatum geldt.
Daarnaast werd het beroep op asiel en traumatabeleid inhoudelijk beoordeeld. De rechtbank vond dat eiser onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat hij een gegronde vrees voor vervolging had, noch dat hij onder het traumatabeleid viel. Het beroep op het gelijkheidsbeginsel werd door verweerder niet gemotiveerd bestreden.
De rechtbank verklaarde het beroep van 4 oktober 2002 ongegrond, maar het beroep van 3 januari 2003 gegrond wegens schending van het motiveringsvereiste. Het bestreden besluit werd vernietigd en verweerder werd opgedragen een nieuw besluit te nemen met inachtneming van deze uitspraak. Tevens werd een voorlopige voorziening getroffen die uitzetting verbiedt totdat het nieuwe besluit bekend is gemaakt.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd wegens onjuiste toepassing van het toelatingsbeleid en de aanvraagdatum, met opdracht tot nieuw besluit.