ECLI:NL:RBSGR:2005:AT3189
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- E.H.B.M. Potters
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit en niet-ontvankelijkheid bezwaar in vreemdelingenzaak verblijfsvergunning
Eiseres, van Joegoslavische nationaliteit, diende op 29 oktober 2002 een aanvraag in voor een verblijfsvergunning regulier voor verblijf bij ouders. Dit werd bij besluit van dezelfde datum afgewezen, waartegen geen bezwaar werd gemaakt. Een tweede besluit van 19 februari 2003 wees dezelfde aanvraag wederom af. Hiertegen maakte eiseres bezwaar, dat bij besluit van 22 september 2003 ongegrond werd verklaard. Eiseres stelde beroep in tegen dit laatste besluit, zowel voor de reguliere verblijfsvergunning als voor een verblijfsvergunning asiel.
De rechtbank oordeelt dat het bezwaar en beroep tegen het asielgedeelte niet-ontvankelijk zijn omdat geen besluit in de zin van de Awb ten grondslag ligt. Het primaire besluit van 29 oktober 2002 is rechtsgeldig bekendgemaakt en in werking getreden, en omdat hiertegen geen rechtsmiddel is aangewend, is dit besluit onherroepelijk. Het tweede besluit van 19 februari 2003 brengt geen nieuwe rechtsgevolgen mee en is geen besluit in de zin van de Awb.
Daarom had verweerder het bezwaar tegen het tweede besluit niet-ontvankelijk moeten verklaren. De rechtbank vernietigt het bestreden besluit van 22 september 2003 en verklaart het bezwaar niet-ontvankelijk. Tevens veroordeelt de rechtbank de Staat tot vergoeding van proceskosten en griffierecht. De rechtbank voorziet zelf in de zaak en verklaart zich onbevoegd voor het asielberoep.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd en het bezwaar wordt niet-ontvankelijk verklaard; het beroep regulier is gegrond.