ECLI:NL:RBSGR:2005:AT0634
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- J.H. Keuzenkamp
- Rechtspraak.nl
Onrechtmatige staandehouding en onrechtmatige bewaring wegens ontbreken redelijk vermoeden illegaal verblijf
In deze bestuursrechtelijke zaak heeft de rechtbank 's-Gravenhage geoordeeld over het beroep van eiseres tegen een maatregel van bewaring op grond van de Vreemdelingenwet 2000. Eiseres werd op 18 februari 2005 in bewaring gesteld na een staandehouding door het prostitutiecontroleteam, dat een bestuurlijke controle uitvoerde bij een escortbedrijf. De staandehouding vond plaats nadat een dame was 'besteld' en eiseres zich meldde, maar zij kon zich niet legitimeren.
Verweerder stelde dat de controle plaatsvond in het kader van de Wet Arbeid Vreemdelingen (Wav) en dat er een redelijk vermoeden van illegaal verblijf was. De rechtbank oordeelde echter dat het proces-verbaal van de staandehouding niet aangaf dat sprake was van een Wav-controle, noch dat er een redelijk vermoeden van illegaal verblijf gericht op eiseres persoonlijk bestond. De staandehouding was daarom onrechtmatig, en daarmee ook de daaropvolgende bewaring.
De rechtbank heeft het beroep gegrond verklaard, de bewaring opgeheven met ingang van 7 maart 2005 en aan eiseres een schadevergoeding van €1365,- toegekend, gebaseerd op het aantal dagen in politiebewaring en huis van bewaring. Tevens werd verweerder veroordeeld in de proceskosten van €644,-. Partijen werd gewezen op de mogelijkheid tot hoger beroep bij de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep gegrond, heft de bewaring op en kent een schadevergoeding toe wegens onrechtmatige staandehouding en bewaring.