ECLI:NL:RBSGR:2004:AT4474
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen niet tijdig beslissen op aanvraag verblijfsvergunning slachtoffer mensenhandel
Eiseres, een Nigeriaanse vrouw en slachtoffer van mensenhandel, diende een aanvraag in voor een verblijfsvergunning voor bepaalde tijd op grond van artikel 14 Vreemdelingenwet Pro 2000. Verweerder besloot niet tijdig op deze aanvraag, waarna eiseres bezwaar maakte tegen het niet tijdig beslissen. Verweerder nam vervolgens een besluit dat niet inging op het bezwaar tegen het niet tijdig beslissen, maar inhoudelijk op de aanvraag zelf.
De rechtbank oordeelt dat verweerder niet heeft voldaan aan de beslistermijn van 24 uur zoals voorgeschreven in de Vreemdelingencirculaire 2000 en dat het besluit onvoldoende gemotiveerd is. Het beroep tegen het niet tijdig beslissen is daarom gegrond en het bestreden besluit wordt vernietigd voor zover het niet tijdig beslissen betreft. Het bezwaar van eiseres wordt gegrond verklaard en deze uitspraak treedt in de plaats van het vernietigde gedeelte van het besluit.
Verder verklaart de rechtbank het beroep voor het overige niet-ontvankelijk en zendt het beroepschrift door als bezwaarschrift. Het verzoek om een voorlopige voorziening om uitzetting te voorkomen wordt afgewezen omdat geen spoedeisend belang is gebleken. Verweerder wordt veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van €322,- aan eiseres.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard wegens niet tijdig beslissen en het bestreden besluit wordt vernietigd voor zover het betreft het niet tijdig beslissen; het beroep voor het overige wordt niet-ontvankelijk verklaard.