ECLI:NL:RBSGR:2004:AS5097
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke toetsing van onderzoek opvangmogelijkheden bij ongeloofwaardig asielrelaas minderjarige
Eiser, een minderjarige asielzoeker van Guinese nationaliteit, diende een aanvraag in voor een verblijfsvergunning als alleenstaande minderjarige vreemdeling. Verweerder wees de aanvraag af op grond van ongeloofwaardigheid van het asielrelaas, waarbij ook werd aangenomen dat er opvangmogelijkheden in het land van herkomst zouden zijn. De rechtbank onderzocht of verweerder terecht geen onderzoek naar opvangmogelijkheden heeft verricht.
Volgens het beleid (TBV 1996/1 en de IND werkinstructie 53) moet onderzoek naar opvangmogelijkheden in het land van herkomst plaatsvinden, tenzij de vreemdeling niet meewerkt of de nationaliteit en woonplaats ongeloofwaardig zijn. In deze zaak werd het asielrelaas van eiser als ongeloofwaardig beoordeeld, maar niet zijn nationaliteit of woonplaats. Daarom was het niet redelijk dat verweerder zonder nader onderzoek tot afwijzing overging.
De rechtbank concludeert dat verweerder zijn beslissing onvoldoende heeft gemotiveerd en vernietigt het bestreden besluit. Verweerder wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen met inachtneming van de overwegingen in deze uitspraak. Tevens wordt verweerder veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht aan eiser.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het bestreden besluit vernietigd wegens onvoldoende gemotiveerd onderzoek naar opvangmogelijkheden.