ECLI:NL:RBSGR:2004:AS4909
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing verblijfsvergunning asiel wegens onvoldoende motivering en onjuiste beoordeling desertie
Eiser, een Eritrese asielzoeker, verzocht om een verblijfsvergunning voor bepaalde tijd op grond van asiel. De IND wees dit verzoek af vanwege onvoldoende geloofwaardigheid van het asielrelaas en omdat eiser niet voldeed aan de criteria voor vluchtelingenstatus bij desertie. De rechtbank stelde vast dat eiser geen reisdocumenten kon overleggen, maar wel een specifieke en verifieerbare verklaring gaf over zijn reisroute. De IND had onvoldoende rekening gehouden met deze verklaring en de wil tot medewerking van eiser.
Daarnaast had de IND onvoldoende aandacht besteed aan de bijzondere omstandigheden van eiser, die gedwongen werd deel te nemen aan een conflict in Sudan en eerder in aanvaring kwam met militaire autoriteiten, wat een zwaardere straf bij terugkeer tot gevolg zou kunnen hebben. De rechtbank oordeelde dat de IND het motiveringsvereiste en de zorgvuldigheid bij besluitvorming had geschonden.
De rechtbank verklaarde het beroep gegrond, vernietigde het besluit van 16 januari 2004 en droeg de IND op een nieuw besluit te nemen met inachtneming van deze uitspraak. Tevens werd verweerder veroordeeld tot betaling van de proceskosten van eiser.
Uitkomst: Het besluit tot afwijzing van de verblijfsvergunning asiel is vernietigd en de IND moet een nieuw besluit nemen.