ECLI:NL:RBSGR:2004:AS3777
Rechtbank 's-Gravenhage
- Schadevergoedingsuitspraak
- Rechtspraak.nl
Onrechtmatige vreemdelingenbewaring wegens niet-naleving inspanningsverplichting tijdens strafrechtelijke detentie
Eiser, een vreemdeling van Algerijnse nationaliteit, werd na zijn strafrechtelijke detentie onterecht in vreemdelingenbewaring gesteld. De rechtbank stelde vast dat de Minister voor Vreemdelingenzaken en Integratie niet had voldaan aan de inspanningsverplichting om tijdens de strafrechtelijke detentie van eiser onderzoek te doen naar uitzettingsmogelijkheden. Hierdoor was de bewaring onrechtmatig omdat deze alleen diende om achteraf een afweging te maken die eerder had moeten plaatsvinden.
De rechtbank verwierp het verweer van de Minister dat er ten tijde van de inbewaringstelling geen zicht was op uitzetting, omdat dit het gevolg was van het nalaten van de inspanningsverplichting. Tevens werd vastgesteld dat de strafrechtelijke detentie van bijna drie maanden niet als kort kon worden beschouwd, waarmee de inspanningsverplichting zwaarder woog.
De rechtbank kende aan eiser een schadevergoeding toe van €490,-, gebaseerd op €70,- per dag dat eiser ten onrechte in bewaring was geweest. Een matiging van de schadevergoeding werd afgewezen omdat de aard van de aansprakelijkheid en de draagkracht van partijen dit niet rechtvaardigden. Daarnaast werd de Staat veroordeeld tot betaling van de proceskosten van €644,-.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep gegrond en veroordeelt de Staat tot betaling van €490,- schadevergoeding wegens onrechtmatige vreemdelingenbewaring.