ECLI:NL:RBSGR:2004:AS2786
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- J. Recourt
- Rechtspraak.nl
Weigering machtiging voorlopig verblijf wegens nietigheid huwelijk en inschrijving GBA
Eiseres vroeg een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) aan om bij haar echtgenoot, de referent, in Nederland te verblijven. De aanvraag werd geweigerd omdat het huwelijk tussen eiseres en referent niet was ingeschreven in de gemeentelijke basisadministratie (GBA), mede omdat het huwelijk door de civiele rechter nietig was verklaard. Verweerder beriep zich op het beleid dat vereist dat het huwelijk in de GBA moet zijn ingeschreven om een mvv te verlenen.
Eiseres stelde dat het huwelijk rechtsgeldig was volgens Marokkaans recht en dat het onredelijk was om te eisen dat zij opnieuw zouden trouwen, hetgeen volgens haar onmogelijk is zonder scheiding. Tevens voerde zij aan dat het beleid ten onrechte inschrijving in de GBA als zelfstandig vereiste stelt en dat het besluit in strijd is met artikel 8 EVRM Pro.
De rechtbank oordeelde dat het vonnis van nietigverklaring formele rechtskracht heeft en verweerder in beginsel daaraan gebonden is, tenzij sprake is van evidente onjuistheid. Hoewel twijfel bestond over de juistheid, was die onvoldoende om het vonnis te verwerpen. De rechtbank verwees naar jurisprudentie waarin een huwelijk nietig werd verklaard wegens bigamie. Verweerder mocht daarom uitgaan van de nietigheid van het huwelijk en het beleid toepassen.
De rechtbank vond geen schending van artikel 8 EVRM Pro omdat het besluit niet beoogt het gezinsleven te verhinderen, en het was niet uitgesloten dat op termijn alsnog aan de voorwaarden kan worden voldaan. Ook was er geen aanleiding om van het beleid af te wijken. Het beroep werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de weigering van de machtiging tot voorlopig verblijf wordt ongegrond verklaard vanwege de nietigheid van het huwelijk en het ontbreken van inschrijving in de GBA.