ECLI:NL:RBSGR:2004:AR3071
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing verblijfsvergunning wegens onjuiste toepassing artikel 1F Vluchtelingenverdrag
Eiser, een Afghaanse staatsburger, vroeg een verblijfsvergunning asiel aan, die door verweerder werd afgewezen op grond van artikel 1F van het Vluchtelingenverdrag wegens ernstige vermoedens van oorlogsmisdrijven en misdrijven tegen de menselijkheid.
Verweerder baseerde zijn oordeel onder meer op schendingen van het gemeenschappelijk artikel 3 van Pro de Geneefse Conventies, maar de rechtbank oordeelt dat deze schendingen niet kwalificeren als oorlogsmisdrijven volgens de verdragen die artikel 1F onder a Vluchtelingenverdrag omvat. Ook andere verdragen zoals het Anti-Folterverdrag en het IVBPR dragen de conclusie niet.
De rechtbank stelt vast dat het besluit niet voldoet aan de vereisten van zorgvuldigheid en motivering zoals voorgeschreven in de Awb en vernietigt het besluit. Verweerder wordt opgedragen opnieuw te beslissen, rekening houdend met de juiste rechtsgrondslagen. Tevens worden de proceskosten aan verweerder opgelegd.
Uitkomst: Het besluit tot afwijzing van de verblijfsvergunning wordt vernietigd en verweerder wordt opgedragen opnieuw te beslissen.