ECLI:NL:RBSGR:2004:AQ6779
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Rechtbank vernietigt weigering verblijfsvergunning alleenstaande minderjarige vreemdelingen uit Mongolië
Eisers, alleenstaande minderjarige vreemdelingen uit Binnen-Mongolië, China, vroegen een verblijfsvergunning asiel en een verblijfsvergunning regulier als alleenstaande minderjarige vreemdeling (amv). Verweerder wees de aanvragen af, stellende dat eisers geen verdragsvluchtelingen zijn en dat er adequate opvang in China aanwezig is volgens een ambtsbericht van 9 april 2001.
De rechtbank oordeelt dat verweerder terecht heeft geoordeeld dat eisers geen verdragsvluchtelingen zijn, mede vanwege het ontbreken van documenten ter staving van hun identiteit en het ontbreken van concrete aanwijzingen voor politieke vervolging. De beroepen tegen de afwijzing van de verblijfsvergunning asiel worden daarom ongegrond verklaard.
Ten aanzien van de amv-vergunning stelt de rechtbank vast dat het beleid van vóór 4 januari 2001 van toepassing is op deze aanvragen. Het ambtsbericht van 9 april 2001 wordt als deskundigenadvies beschouwd, maar de rechtbank vindt dat de bijzondere situatie van eisers – behorend tot de Mongoolse bevolkingsgroep die de Chinese taal niet machtig is – een concreet aanknopingspunt vormt voor twijfel aan de volledigheid van het ambtsbericht.
De rechtbank concludeert dat verweerder niet in redelijkheid heeft kunnen beslissen dat er adequate opvang is voor eisers in China. De ambtshalve weigering van de amv-vergunning is daarom onvoldoende gemotiveerd en niet zorgvuldig tot stand gekomen. De beroepen tegen deze weigering worden gegrond verklaard, de besluiten vernietigd en verweerder opgedragen opnieuw te beslissen met inachtneming van deze uitspraak. Verweerder wordt tevens veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Beroepen tegen asielweigering ongegrond, beroepen tegen weigering amv-vergunning gegrond en besluiten vernietigd.