ECLI:NL:RBSGR:2004:AP9816
Rechtbank 's-Gravenhage
- Kort geding
- H.F.M. Hofhuis
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vorderingen tegen beperking bovenregionaal vervoer gehandicapten in Valys-systeem
Eisers, bestaande uit diverse patiënten- en gehandicaptenorganisaties en individuele gehandicapten, stelden dat de invoering van het Valys-vervoerssysteem met een persoonlijk kilometerbudget (pkb) van maximaal 450 of 900 kilometer per jaar onrechtmatig is. Zij voerden aan dat deze beperking leidt tot uitsluiting van bovenregionaal vervoer voor gehandicapten die niet met het openbaar vervoer kunnen reizen, wat hun sociale en maatschappelijke participatie ernstig belemmert.
De Staat en Transvision voerden verweer dat de regeling noodzakelijk is vanwege de stijgende kosten en dat het systeem binnen de beleidsvrijheid valt. De rechtbank erkent dat het nieuwe systeem ingrijpende gevolgen heeft, maar oordeelt dat de Staat binnen zijn beoordelingsruimte is gebleven en dat de beperking van het pkb niet onrechtmatig is. De rechtbank stelt dat de grondrechten waarop eisers zich beroepen niet zodanig dwingend zijn dat een onbeperkt recht op bovenregionaal vervoer kan worden afgeleid.
De primaire en subsidiaire vorderingen worden afgewezen, mede vanwege de onvoorspelbare gevolgen van het openbreken van de contracten en de beleidsvrijheid van de overheid. De rechtbank compenseert de proceskosten tussen eisers en de Staat, maar veroordeelt eisers in de kosten tegen Transvision.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vorderingen van de gehandicapten af en bevestigt de beperking van het persoonlijk kilometerbudget in het Valys-vervoerssysteem.