ECLI:NL:RBSGR:2004:AO5999
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vordering Dexia tot betaling wegens effectenlease-overeenkomst en afwijzing verweer gedaagde
Op 19 juni 1998 sloot gedaagde een effectenlease-overeenkomst met Bank Labouchere, waarvan Dexia later rechtsopvolger werd. Gedaagde beëindigde de overeenkomst voortijdig wegens financiële problemen en weigerde het door Dexia gevorderde bedrag van €1.833,02 te betalen.
Dexia vordert betaling van hoofdsom, rente en incassokosten, terwijl gedaagde zich beroept op onvoldoende voorlichting, dwaling, onvoorziene omstandigheden en tekortschieten in zorgplicht. De kantonrechter oordeelt dat gedaagde voldoende geïnformeerd was, dat de overeenkomst geen onvoorziene omstandigheden kent en dat het beroep op dwaling faalt.
De vordering van Dexia wordt toegewezen tot een bedrag van €3.206,13 plus rente, terwijl de reconventionele vorderingen van gedaagde niet-ontvankelijk worden verklaard. Gedaagde wordt veroordeeld in de proceskosten. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van €3.206,13 plus rente en proceskosten, reconventionele vorderingen worden afgewezen.