ECLI:NL:RBSGR:2003:AO3613
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Niet-toepassing hardheidsclausule bij mvv-vereiste Somalische vreemdeling onterecht
Eiseres, een Somalische vreemdeling, had een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning voor gezinsvorming. Verweerder had deze aanvraag buiten behandeling gesteld wegens het ontbreken van een geldige machtiging tot voorlopig verblijf (mvv). De rechtbank oordeelt dat verweerder het besluit ten onrechte baseerde op artikel 16a van de oude Vreemdelingenwet in plaats van artikel 16 van Pro de Vreemdelingenwet 2000.
De rechtbank stelt vast dat verweerder onvoldoende heeft gemotiveerd op welke wijze eiseres daadwerkelijk over reisdocumenten kan beschikken om naar Somalië of een buurland te reizen en aldaar een mvv aan te vragen. De algemene stellingen van verweerder over de mogelijkheid voor Somalische vreemdelingen om documenten te verkrijgen zijn onvoldoende onderbouwd, mede gelet op eerdere jurisprudentie van de Rechtseenheidkamer Vreemdelingenzaken (REK).
Verder oordeelt de rechtbank dat het onaanvaardbaar is dat verweerder van vreemdelingen verwacht dat zij op illegale wijze, bijvoorbeeld met een vals paspoort, terugkeren om een mvv aan te vragen. De rechtbank vernietigt het bestreden besluit en beveelt verweerder een nieuw besluit te nemen met inachtneming van deze overwegingen. Tevens wordt verweerder verboden eiseres uit te zetten totdat op het nieuwe besluit is beslist.
Uitkomst: Het beroep van eiseres wordt gegrond verklaard en het bestreden besluit vernietigd vanwege onvoldoende motivering omtrent het mvv-vereiste en de toepassing van de hardheidsclausule.