ECLI:NL:RBSGR:2003:AO1392
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- K. van Duyvendijk
- Rechtspraak.nl
Beëindiging verstrekkingen aan uitgeprocedeerde asielzoeker ondanks toezeggingen
Eiser, een Somalische asielzoeker, kreeg de verstrekkingen van het COA beëindigd nadat zijn asielprocedure negatief werd beslist en een last tot uitzetting werd opgelegd. Eiser voerde aan dat hij niet rechtmatig verwijderbaar was vanwege een verblijfsaanvraag bij zijn Nederlandse echtgenote en een toezegging tijdens de asielprocedure dat hij niet zou worden verwijderd.
De rechtbank stelt vast dat het COA zich bij de beoordeling moet beperken tot de wettelijke voorwaarden van artikel 8 Rva Pro 1997 en geen bevoegdheid heeft om de rechtmatigheid van de uitzettingslast te toetsen. De toezegging en verblijfsaanvraag verhinderen dan ook niet de beëindiging van verstrekkingen.
Verder geldt het beleid dat verstrekkingen kunnen worden voortgezet indien de asielzoeker meewerkt aan terugkeer. De rechtbank concludeert dat eiser niet alles heeft gedaan wat redelijkerwijs van hem kon worden verlangd om terugkeer naar Somalië mogelijk te maken. Daarom is het beroep ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van eiser tegen de beëindiging van verstrekkingen is ongegrond verklaard.