ECLI:NL:RBSGR:2003:AL8264
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen uitzetting wegens ongewenstverklaring
Verzoeker, met de gestelde Marokkaanse nationaliteit, is op 21 augustus 2002 ongewenst verklaard en heeft hiertegen bezwaar gemaakt. Hij verzocht de rechtbank om een voorlopige voorziening die de uitzetting zou verbieden totdat op het bezwaar is beslist.
De rechtbank overweegt dat het bezwaar tegen de ongewenstverklaring de werking van het besluit niet schorst, omdat de Vreemdelingenwet geen schorsende werking aan bezwaar tegen ongewenstverklaring toekent. Verzoeker heeft nooit rechtmatig verblijf gehad en ook geen aanvraag om toelating ingediend, waardoor een positieve uitkomst van het bezwaar geen verblijfsrecht zou opleveren.
Daarom zou toewijzing van het verzoek slechts leiden tot een tijdelijk verbod op uitzetting, terwijl verzoeker verplicht is Nederland te verlaten ongeacht de bezwaaruitkomst. De rechtbank wijst het verzoek af en laat de overige grieven onbesproken. Er worden geen proceskosten aan een partij toegewezen.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening tegen uitzetting wegens ongewenstverklaring wordt afgewezen.