ECLI:NL:RBSGR:2003:AL7469
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verblijfsvergunning asiel en weigering ambtshalve verlening aan Somalische vrouw
Verzoekster, een Somalische vrouw geboren in 1985, diende een aanvraag in voor een verblijfsvergunning asiel die op 11 augustus 2003 werd afgewezen. Zij stelde beroep en bezwaar in tegen deze besluiten en verzocht om voorlopige voorzieningen om haar uitzetting te voorkomen.
De rechtbank oordeelde dat het bezwaar geen schorsende werking heeft omdat het ging om een weigering tot ambtshalve verlening en niet om een reguliere aanvraag. Verzoekster bracht naar voren dat zij staatloos zou zijn en buiten haar schuld niet kon vertrekken, maar zij kon dit niet aannemelijk maken. De rechtbank verwees naar jurisprudentie dat Somalische vreemdelingen met hulp van de Nederlandse overheid kunnen terugkeren.
De inhoudelijke beoordeling van de asielaanvraag leidde tot de conclusie dat verzoekster niet voldeed aan de criteria voor vluchtelingstatus of humanitaire gronden. Haar verhaal werd onvoldoende ondersteund met documenten en haar situatie rechtvaardigde geen verblijfsvergunning. Het beroep en de verzoeken om voorlopige voorzieningen werden ongegrond verklaard en afgewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de verblijfsvergunning en de verzoeken om voorlopige voorzieningen worden ongegrond verklaard en afgewezen.