ECLI:NL:RBSGR:2003:AL1794
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- F. Salomon
- Rechtspraak.nl
Ongegrondverklaring beroep tegen vrijheidsbeperkende maatregel vreemdeling
Eiser, van Joegoslavische nationaliteit, werd op 19 juni 2003 op Schiphol de toegang tot Nederland geweigerd en onderging een vrijheidsbeperkende maatregel van circa drie kwartier op grond van artikel 6 van Pro de Vreemdelingenwet 2000. Nadat de maatregel was opgeheven, stelde zijn gemachtigde beroep in tegen deze maatregel.
De rechtbank constateert dat het beroep zich mede richt tegen de vrijheidsbeperking, maar dat het beroep pas na opheffing van de maatregel is ingesteld en dat er geen verzoek om schadevergoeding is gedaan. De gemachtigde van eiser verscheen niet ter zitting en gaf geen plausibele verklaring voor zijn afwezigheid. De rechtbank acht de gronden van het beroep onbegrijpelijk en verklaart het beroep ongegrond wegens kennelijk onredelijk gebruik van procesrecht.
De rechtbank veroordeelt eiser in de proceskosten, die zijn vastgesteld op € 0,54, gebaseerd op reiskosten van een tweede klas treinkaartje gedeeld door het aantal zaken op de rol. Tegen dit vonnis staat hoger beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State binnen een termijn van één week.
Uitkomst: Het beroep tegen de vrijheidsbeperkende maatregel wordt ongegrond verklaard en eiser wordt veroordeeld in de proceskosten.