ECLI:NL:RBSGR:2003:AJ9983
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- F.H. Machiels
- L.M.J.A. Dassen
- B.W.P.M. Corbey-Smits
- Rechtspraak.nl
Weigering verblijfsvergunning regulier wegens onvoldoende relevant tijdsverloop in asielprocedure
Eiser, een Iraakse nationaliteit, vordert een verblijfsvergunning regulier onder de beperking van tijdsverloop in de asielprocedure, omdat na drie jaren nog geen onherroepelijke beslissing op zijn asielaanvraag is genomen. Verweerder weigert de vergunning op grond dat niet is voldaan aan het vereiste van drie jaren relevant tijdsverloop.
De rechtbank toetst het nieuwe driejarenbeleid zoals neergelegd in hoofdstuk C2/9 van de Vreemdelingencirculaire 2000. Dit beleid bepaalt dat perioden waarin een vreemdeling rechtmatig verblijf heeft gehad buiten beschouwing worden gelaten bij de berekening van het tijdsverloop. De rechtbank stelt vast dat het nieuwe beleid ook van toepassing is op perioden vóór de inwerkingtreding ervan (1 april 2001), waardoor de gehele periode van 29 september 1997 tot en met 29 september 1999 niet meetelt.
Eiser betoogt dat het eerbiedigingsbeginsel vereist dat de tot 1 april 2001 opgebouwde rechten gerespecteerd moeten worden, maar de rechtbank oordeelt dat het overgangsrecht een beperkte eerbiedigende werking kent en dat het nieuwe beleid binnen de beleidsvrijheid van verweerder valt. De rechtbank concludeert dat het beleid niet kennelijk onredelijk is en dat verweerder de vergunning terecht heeft geweigerd.
Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard en partijen worden niet veroordeeld in proceskosten.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de weigering van de verblijfsvergunning regulier wegens onvoldoende relevant tijdsverloop.