ECLI:NL:RBSGR:2003:AI0821
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing verblijfsvergunning wegens onvoldoende zorgvuldigheid ambtsbericht
Eiseres, afkomstig uit Azerbeidzjan, verzocht om een verblijfsvergunning voor bepaalde tijd op grond van het risico op foltering en onmenselijke behandeling bij terugkeer. Verweerder wees dit verzoek af, onder meer omdat het relaas van eiseres ongeloofwaardig werd geacht, gebaseerd op een individueel ambtsbericht van de Minister van Buitenlandse Zaken.
De rechtbank stelde vast dat het ambtsbericht en de onderliggende stukken onvoldoende transparant en zorgvuldig waren. Zo werden bronnen niet duidelijk geïdentificeerd en ontbrak objectieve onderbouwing voor conclusies over het niet voorkomen van personen in begrafenisregistraties en gevangenisadministraties. Hierdoor kon het ambtsbericht niet als betrouwbaar bewijs worden aangemerkt.
Hoewel eiseres foto's van de graven van haar vader en broer overlegde, oordeelde de rechtbank dat deze niet als nieuw bewijs konden worden beschouwd omdat ze niet na het bestreden besluit waren ingebracht. De rechtbank concludeerde dat verweerder het ambtsbericht niet zonder meer had mogen gebruiken om het relaas van eiseres ongeloofwaardig te verklaren.
Daarom werd het beroep gegrond verklaard, het bestreden besluit vernietigd en verweerder veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van eiseres. De zaak werd verwezen naar verweerder voor heroverweging, met inachtneming van de zorgvuldigheidseisen.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit tot afwijzing van de verblijfsvergunning wordt vernietigd wegens onvoldoende zorgvuldigheid van het ambtsbericht.