ECLI:NL:RBSGR:2003:AI0690
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- M.A.C. Hofman
- J.F. Miedema
- E.B. de Vries-van den Heuvel
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen weigering verblijfsvergunning asiel voor Tamil uit Sri Lanka
Eiser, een Sri Lankaans staatsburger behorend tot de Tamil-bevolkingsgroep, verzocht om een verblijfsvergunning voor bepaalde tijd op grond van asiel. Hij stelde dat hij vervolging ondervond van zowel de Tamil Tijgers (LTTE) als het Sri Lankaanse leger, waaronder meerdere arrestaties, mishandelingen en langdurige detentie.
De aanvraag werd op 21 november 2001 afgewezen door verweerder, die oordeelde dat het relaas van eiser niet voldoende geloofwaardig was en dat er onvoldoende zwaarwegende omstandigheden waren voor het toekennen van vluchtelingenstatus of een verblijfsvergunning op andere gronden.
Eiser stelde beroep in, waarbij hij zijn zienswijze als gronden van beroep aanvoerde. De rechtbank oordeelde dat het beroep ontvankelijk was omdat de zienswijze voldoende duidelijk de grieven aangaf en verweerder niet tegemoet was gekomen aan de inhoud daarvan.
Na beoordeling concludeerde de rechtbank dat verweerder terecht twijfelde aan de geloofwaardigheid van het verhaal van eiser en dat het beroep ongegrond was. Eiser had geen nieuwe argumenten aangevoerd die de eerdere afwijzing konden ondermijnen. De rechtbank wees het beroep af zonder proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de verblijfsvergunning wordt ongegrond verklaard wegens onvoldoende zwaarwegende omstandigheden voor vluchtelingenstatus.