ECLI:NL:RBSGR:2003:AH9692
Rechtbank 's-Gravenhage
- Schadevergoedingsuitspraak
- E. Steendijk
- Rechtspraak.nl
Onrechtmatige voortzetting van bewaring leidt tot schadevergoeding
Eiser werd op 15 april 2003 in bewaring gesteld op grond van artikel 59, tweede lid, van de Vreemdelingenwet 2000 vanwege het ontbreken van rechtmatig verblijf en het belang van openbare orde. De rechtbank had op 15 april 2003 reeds bevolen de bewaring per 14 april 2003 op te heffen, maar de daadwerkelijke opheffing vond pas plaats op 15 april 2003 om 8.52 uur.
De rechtbank beoordeelt dat de bewaring niet onverwijld is opgeheven, mede omdat er geen bevoegd ambtenaar beschikbaar was om de vrijheidsbeneming tijdig te beëindigen, terwijl de Vreemdelingencirculaire 2000 alternatieven biedt die niet zijn benut. Hierdoor was de voortzetting van de bewaring zonder geldige titel en was de hernieuwde inbewaringstelling onrechtmatig.
Eiser heeft beroep ingesteld tegen de bewaring en verzocht om schadevergoeding. De rechtbank verklaart het beroep gegrond en kent een vergoeding toe van € 70,-- per dag voor de dagen dat eiser onrechtmatig in bewaring heeft gezeten. Tevens worden de proceskosten aan de Staat der Nederlanden opgelegd.
De uitspraak is gedaan door mr. E. Steendijk, fungerend voorzitter, en is onherroepelijk. Er is geen hoger beroep mogelijk.
Uitkomst: De rechtbank oordeelt dat de bewaring niet onverwijld is opgeheven en kent eiser een schadevergoeding toe van € 70,-- per dag.