ECLI:NL:RBSGR:2003:AH9638
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag wegens vermeende betrokkenheid terroristische activiteiten niet zorgvuldig
Verzoeker, afkomstig uit Algerije, werd verdacht van betrokkenheid bij een terroristische organisatie en zat in vreemdelingenbewaring. Na vrijspraak in de strafzaak werd zijn asielaanvraag in Nederland afgewezen binnen de AC-procedure. Verzoeker vreesde bij terugkeer naar Algerije vervolging en een behandeling in strijd met artikel 3 EVRM Pro.
De rechtbank overwoog dat verweerder onvoldoende had gemotiveerd waarom de Algerijnse autoriteiten niet op de hoogte zouden zijn van de verdenkingen tegen verzoeker, mede gezien de uitgebreide berichtgeving in nationale en internationale media. Het enkele feit van vrijspraak in Nederland was onvoldoende om aan te nemen dat verzoeker niet meer vervolgd zou worden in Algerije.
Verder oordeelde de rechtbank dat de afhandeling van de asielaanvraag binnen de AC-procedure ondanks de vreemdelingenbewaring van verzoeker niet onzorgvuldig was. Wel werd vastgesteld dat verweerder de zorgvuldigheidseisen had geschonden door onvoldoende onderzoek te doen naar het vervolgingsgevaar.
De rechtbank verklaarde het beroep gegrond, vernietigde het bestreden besluit en droeg verweerder op een nieuw besluit te nemen. Het verzoek om een voorlopige voorziening werd afgewezen. Verweerder werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag wordt gegrond verklaard en het besluit vernietigd.