ECLI:NL:RBSGR:2003:AH8572
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening
- M.C.J. Huijgens
- Rechtspraak.nl
Toewijzing voorlopige voorziening voor opvang alleenstaande vreemdeling tijdens bezwaarprocedure
Verzoeker, een alleenstaande volwassen vreemdeling uit de Democratische Republiek Congo, verbleef sinds 1999 in Nederland en zijn aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel werd afgewezen. Hoewel hij opvang in een opvangcentrum (OC) kreeg, weigerde de minister hem ambtshalve een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd toe te kennen onder de beperking verblijf als alleenstaande minderjarige asielzoeker.
Verzoeker maakte bezwaar tegen deze weigering en vroeg de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening te treffen zodat zijn recht op opvang zou voortduren totdat op het bezwaar was beslist. De minister stelde dat het bestuur van het COA bevoegd was over de opvang te beslissen en dat een reguliere procedure geen recht op opvang gaf, zeker niet voor een meerderjarige.
De voorzieningenrechter oordeelde dat de minister bevoegd is over de voortzetting van de opvang te beslissen en dat op grond van de toepasselijke regelgeving, waaronder TBV 2002/59, verzoeker recht op opvang heeft zolang het bezwaar in Nederland mag worden afgewacht. De rechtbank wees het verzoek om voorlopige voorziening toe en veroordeelde de minister tot vergoeding van de proceskosten.
Uitkomst: Verzoeker krijgt opvang toegewezen totdat op zijn bezwaar tegen de weigering verblijfsvergunning is beslist.