ECLI:NL:RBSGR:2003:AF9878
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- Timmermans
- Wapenaar
- Schirmeister
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering tot ontneming wederrechtelijk verkregen voordeel wegens lopend civiel hoger beroep
De rechtbank 's-Gravenhage behandelde op 10 juni 2003 een vordering ex artikel 36e Wetboek van Strafrecht tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel van maximaal €41.974,66. De officier van justitie vorderde betaling van dit bedrag aan de Staat, bij gebreke daarvan vervangende hechtenis.
De Rabobank, als benadeelde partij, had reeds een civiele vordering ingesteld tot schadevergoeding van meer dan €1,6 miljoen, waartegen hoger beroep was ingesteld. De rechtbank overwoog dat hoewel deze civiele vordering nog niet onherroepelijk was, het geen rechtsregel in de weg stond om het wederrechtelijk verkregen voordeel voorlopig op nihil te stellen.
De raadsman van de veroordeelde voerde aan dat de civiele uitspraak de ontnemingsvordering in de strafzaak blokkeert. Gezien de lopende civiele procedure en het feit dat op enig moment onherroepelijk beslist zal worden, achtte de rechtbank het passend om de ontnemingsvordering af te wijzen.
Hiermee werd voorkomen dat dubbele verhaalsmaatregelen worden getroffen en werd de vordering tot ontneming afgewezen. De uitspraak werd gedaan door een meervoudige kamer bestaande uit drie rechters.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering tot ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel af.