ECLI:NL:RBSGR:2003:AF9326
Rechtbank 's-Gravenhage
- Schadevergoedingsuitspraak
- Rechtspraak.nl
Onbevoegdverklaring rechtbank inzake schadevergoeding bij wijziging tenuitvoerlegging bewaring vreemdeling
De vreemdeling, met Russische nationaliteit, was sinds 19 september 2002 in bewaring gesteld. Bij uitspraak van 7 oktober 2002 verklaarde de rechtbank het beroep gegrond voor wat betreft de wijze van tenuitvoerlegging van de bewaring vanaf 30 september 2002, maar heropende het onderzoek voor de aanspraak op schadevergoeding.
De rechtbank overwoog dat artikel 106 van Pro de Vreemdelingenwet 2000 alleen schadevergoeding toestaat bij opheffing van bewaring en niet bij wijziging van de tenuitvoerlegging daarvan. Ook artikel 8:73 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb) biedt geen grond voor schadevergoeding, omdat de voortzetting van bewaring in een politiecel in plaats van een huis van bewaring niet als een besluit in de zin van de Awb kan worden beschouwd.
Verder wees de rechtbank op het specifieke karakter van de habeas corpus-procedure en de lex specialis van artikel 106 Vw Pro 2000, waardoor de algemene regeling van artikel 8:73 Awb Pro niet toepasselijk is. Gezien deze overwegingen verklaarde de rechtbank zich onbevoegd om kennis te nemen van het verzoek om schadevergoeding.
De openbare behandeling vond plaats op 22 april 2003, waarbij de vreemdeling en zijn gemachtigde niet verschenen. Tegen deze uitspraak is geen hoger beroep mogelijk volgens artikel 84 Vw Pro 2000.
Uitkomst: De rechtbank verklaart zich onbevoegd kennis te nemen van het verzoek om schadevergoeding.