ECLI:NL:RBSGR:2003:AF9299
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit weigering verblijfsvergunning zelfstandige kunstenaar wegens onvoldoende zorgvuldigheid en motivering
Eisers, een Armeens gezin, vroegen een verblijfsvergunning aan voor arbeid als zelfstandig kunstenaar en gezinshereniging. De minister vroeg tweemaal advies aan OC&W, die oordeelde dat geen wezenlijk Nederlands cultureel belang werd gediend. Eisers leverden diverse stukken aan ter onderbouwing van hun culturele bijdrage.
De rechtbank constateerde dat het tweede advies van OC&W gebaseerd was op summiere en verouderde informatie, zonder dat verweerder om nadere gegevens had gevraagd. Verweerder had bovendien nagelaten eisers te confronteren met het advies, wat in strijd was met de zorgvuldigheid. Tevens was het besluit onvoldoende gemotiveerd, mede omdat verweerder het advies ongewijzigd overnam zonder nadere toetsing.
Daarnaast oordeelde de rechtbank dat het driejarenbeleid ex tunc moest worden toegepast, waarbij het oorspronkelijke doel van de aanvraag nog steeds aanwezig was. De minister had onvoldoende gemotiveerd dat het wezenlijk Nederlands belang de belangrijkste voorwaarde was voor arbeid als zelfstandige. Daarom werd het beroep gegrond verklaard, het besluit vernietigd en verweerder opgedragen een nieuw besluit te nemen.
De rechtbank wees de Staat der Nederlanden aan als partij voor proceskostenvergoeding en griffierecht. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep open.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit tot weigering van de verblijfsvergunning wordt vernietigd.