ECLI:NL:RBSGR:2003:AF9249
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- S.J. Bosma
- Rechtspraak.nl
Beroep gegrond verklaard wegens onrechtmatige afwijzing verblijfsvergunning onder driejarenbeleid
Eiser, van Ethiopische nationaliteit, diende op 25 september 1995 een aanvraag in voor een verblijfsvergunning op grond van het driejarenbeleid. Verweerder wees deze aanvraag af en verklaarde het bezwaar ongegrond. Eiser stelde beroep in bij de rechtbank, die op 31 maart 2000 het eerdere besluit vernietigde maar de rechtsgevolgen in stand liet. Verweerder stelde dat geen sprake was van drie jaar rechtmatig verblijf en dat het tijdsverloop was gestuit.
De rechtbank oordeelde dat het driejarenbeleid, zoals opgenomen in de Vreemdelingencirculaire 1994, van toepassing is en dat het beroep gegrond is omdat de afwijzing onrechtmatig was. De rechtbank stelde vast dat verweerder ten tijde van het beleid geen duidelijk en behoorlijk kenbaar beleid had gevormd over het rechtmatig verblijf gedurende de beroepsperiode. Bovendien waren de ambtsberichten die verweerder gebruikte als contra-indicatie onvoldoende zorgvuldig en konden deze niet tegen eiser worden gebruikt.
De rechtbank concludeerde dat de beroepsperiode meetelt als relevant tijdsverloop en dat het bestreden besluit niet in stand kan blijven. Verweerder werd veroordeeld tot het nemen van een nieuw besluit en tot betaling van de proceskosten van €644 aan eiser. Het griffierecht wordt vergoed door de Staat der Nederlanden. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep open.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, het bestreden besluit vernietigd en verweerder wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen.