ECLI:NL:RBSGR:2003:AF8288
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tewerkstellingsvergunning Amerikaanse werknemer
Verzoekster, een Nederlandse stichting, verzocht om een tewerkstellingsvergunning voor een werknemer van Amerikaanse nationaliteit in de functie Director of European Operations. Verweerder weigerde de vergunning op grond van de Wet arbeid vreemdelingen (Wav), omdat de vacature niet ten minste vijf weken voor de aanvraag was gemeld en de wervingsinspanningen onvoldoende waren.
Verzoekster beriep zich op het Verdrag van vriendschap, handel en scheepvaart tussen Nederland en de Verenigde Staten van Amerika (1956), dat volgens haar een recht op toelating en verblijf voor werknemers van Amerikaanse zusterorganisaties verleent. De rechtbank oordeelde dat verzoekster niet aannemelijk had gemaakt dat zij een zusterorganisatie was waarin een aanzienlijk kapitaal was belegd, noch dat de werknemer als vertegenwoordiger van die organisatie optrad.
De voorzieningenrechter stelde vast dat de Wav onverkort van toepassing is en dat verweerder terecht oordeelde dat de vacature niet tijdig was gemeld en dat de wervingsinspanningen onvoldoende waren. Er waren geen omstandigheden die het treffen van een voorlopige voorziening rechtvaardigden. Het verzoek werd daarom afgewezen.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de weigering van de tewerkstellingsvergunning wordt afgewezen.