ECLI:NL:RBSGR:2003:AF6123
Rechtbank 's-Gravenhage
- Kort geding
- R.J. Paris
- Rechtspraak.nl
Voorlopig verbod op tariefverhoging NS Reizigers in 2003 wegens schending contractuele afspraken
De Staat der Nederlanden en diverse consumentenorganisaties vorderden in kort geding een verbod voor NS Reizigers B.V. (NSR) om de geplande tariefverhogingen in 2003 door te voeren. Dit naar aanleiding van het Overgangscontract II hoofdrailnet (OC II) en de afspraken over prijsregulering daarin, waarin NSR had toegezegd de tarieven in 2002 niet te verhogen.
NSR had in 2001 besloten de tarieven niet te verhogen vanwege de slechte kwaliteit van de dienstverlening, wat een structurele financiële verslechtering betekende. In 2002 wilde NSR deze toezegging terugdraaien door een tariefverhoging per 31 december 2002 (na loketsluiting) en opnieuw per 1 juli 2003 door te voeren, wat volgens de Staat en consumentenorganisaties in strijd was met de contractuele afspraken en de redelijkheid en billijkheid.
De rechtbank oordeelde dat NSR weliswaar binnen de letter van het contract handelde, maar niet binnen de geest ervan, en dat NSR gehouden is aan haar toezeggingen aan de consumentenorganisaties. De tariefverhoging per 31 december 2002 werd als een verhoging voor 2003 aangemerkt, waardoor een tweede verhoging in 2003 niet was toegestaan. Daarom werd NSR verboden de tarieven te verhogen zolang de bodemprocedure loopt.
Uitkomst: NS Reizigers wordt verboden haar tarieven in 2003 te verhogen zolang de bodemprocedure niet is afgerond.