ECLI:NL:RBSGR:2002:AF6874
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen uitzetting en opvangverzoeken in vreemdelingenrecht
Verzoekers, van Afghaanse nationaliteit, hebben beroep ingesteld tegen uitzettingsbeschikkingen van de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND) en verzochten om een voorlopige voorziening om uitzetting uit te stellen totdat op het beroep is beslist. Tevens verzochten zij de rechtbank om de minister te verplichten een opvangverzoek bij het COA in te dienen.
De voorzieningenrechter stelt vast dat aan de wettelijke voorwaarden voor het treffen van een voorlopige voorziening is voldaan. Gezien recente beleidswijzigingen omtrent terugzending naar Afghanistan besloot de rechtbank de voorlopige voorziening toe te wijzen, zodat de uitzetting wordt opgeschort tot het beroep is afgerond.
Ten aanzien van het verzoek om opvang overweegt de rechter dat de aanvragen binnen 48 uur zijn afgedaan, waardoor het verzoek tot opvang niet op de weg van de rechter ligt maar van de verzoekers zelf. Daarom verklaart de rechtbank dit deel van de verzoeken niet-ontvankelijk.
De minister wordt veroordeeld tot betaling van de proceskosten van €644, die verzoekers redelijkerwijs hebben moeten maken in verband met de behandeling van het verzoek. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: De rechtbank gelast de uitzetting achterwege te laten tot het beroep is beslist en verklaart de opvangverzoeken niet-ontvankelijk.