ECLI:NL:RBSGR:2002:AF4579
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Onrechtmatige vreemdelingenrechtelijke staandehouding en toekenning schadevergoeding
Eiser, een Chileense vreemdeling, werd tijdens een verkeerscontrole staande gehouden op grond van een vermoedelijk illegaal verblijf in Nederland. De rechtbank beoordeelde dat er geen redelijk vermoeden bestond dat eiser illegaal verbleef, omdat er geen toelatingsstempel in zijn paspoort stond en hij niet in het Vreemdelingenadministratiesysteem (VAS) voorkwam, maar deze feiten alleen rechtvaardigden geen vermoeden van illegaal verblijf.
De verbalisanten hadden nagelaten te vragen naar de wijze van binnenkomst in Nederland, de verblijfsduur en verblijfplaats, waardoor essentiële informatie ontbrak. Volgens de Vreemdelingenwet en het Vreemdelingenbesluit rust op vreemdelingen die niet via een buitengrens Nederland binnenkomen geen verplichting zich bij grensbewaking te melden, zodat het ontbreken van een toelatingsstempel geen bewijs is van illegaal verblijf.
De rechtbank concludeerde dat de staandehouding onrechtmatig was en verklaarde het beroep gegrond. Verder werd aan eiser een schadevergoeding van €970 toegekend voor de periode dat hij in politiecel en Huis van Bewaring verbleef. Verweerder werd veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten. De uitspraak werd gedaan door mr. J.F.M.J. Bouwman op 21 november 2002.
Uitkomst: De vreemdelingenrechtelijke staandehouding was onrechtmatig en eiser kreeg een schadevergoeding van €970 toegekend.