ECLI:NL:RBSGR:2002:AE9549
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit buiten behandeling stellen aanvraag verblijfsvergunning medische behandeling
Eiser, een Surinaamse staatsburger, diende meerdere aanvragen in voor een vergunning tot verblijf in Nederland met als doel medische behandeling en verruimde gezinshereniging. Deze aanvragen werden door de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND) buiten behandeling gesteld, waarna ook de bezwaarschriften ongegrond werden verklaard. Eiser kreeg wel een visum voor kort verblijf.
De rechtbank oordeelt dat verweerder onterecht het criterium hanteerde dat alleen in acute en onvoorzienbare medische noodsituaties vrijstelling van het mvv-vereiste kan worden verleend. Dit criterium is niet terug te vinden in de wet of parlementaire geschiedenis en dient buiten toepassing te blijven. De rechtbank stelt vast dat het besluit onvoldoende is gemotiveerd en in strijd is met artikel 7:12 Awb Pro.
De rechtbank beveelt dat verweerder een nieuw besluit neemt, waarbij een medisch deskundige wordt geraadpleegd, en verbiedt de verwijdering van eiser uit Nederland totdat op het bezwaar is beslist. Tevens wordt verweerder veroordeeld in de proceskosten en het griffierecht aan eiser vergoed.
De uitspraak is gedaan door de enkelvoudige kamer van de rechtbank 's-Gravenhage op 4 september 2002 en is niet vatbaar voor hoger beroep.
Uitkomst: Het besluit om de aanvragen van eiser buiten behandeling te stellen wordt vernietigd en verweerder dient een nieuw besluit te nemen.