ECLI:NL:RBSGR:2002:AE9532
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Onrechtmatige bewaring wegens langdurige overbrenging binnen Amsterdam
Eiser werd op 23 juli 2002 uit strafrechtelijke detentie ontslagen en direct overgebracht naar een vreemdelingenpolitie locatie in Amsterdam. De overbrenging duurde ruim zes uur, ondanks de beperkte afstand binnen dezelfde stad. De rechtbank oordeelt dat deze duur onzorgvuldig is, mede omdat verweerder geen sluitende verklaring gaf voor de lange overbrengingstijd.
Verweerder stelde dat de Vreemdelingenwet 2000 geen maximale duur voor overbrenging voorschrijft en dat logistieke problemen mogelijk de oorzaak waren. De rechtbank verwierp dit en stelde dat verweerder zijn inspanningsplicht niet had nagekomen, zeker gezien het feit dat eiser vijftien maanden strafrechtelijk was gedetineerd voorafgaand aan de bewaring.
De bewaring is daarom van meet af aan onrechtmatig en wordt opgeheven. Tevens kent de rechtbank een schadevergoeding van 855 euro toe aan eiser en veroordeelt verweerder in de proceskosten. Partijen kunnen binnen een week hoger beroep instellen bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Bewaring onrechtmatig wegens langdurige overbrenging, bewaring opgeheven en schadevergoeding toegekend.