ECLI:NL:RBSGR:2002:AE8836
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- Hensen
- Kuijer
- Krekel
- Rechtspraak.nl
Veroordeling medeplegen moord en poging tot lijkbegraving en verbergen
De rechtbank 's-Gravenhage heeft verdachte veroordeeld tot een gevangenisstraf van 16 jaar wegens medeplegen van moord en medeplegen van poging tot het begraven, verbergen en wegvoeren van het lijk van het slachtoffer. Verdachte werd vrijgesproken van een andere tenlastelegging wegens onvoldoende bewijs.
Uit het onderzoek blijkt dat verdachte voorafgaand aan de moord herhaaldelijk contact zocht met het slachtoffer om vertrouwen te winnen en een afspraak te maken. Op de avond van de moord was verdachte aanwezig bij het slachtoffer en betrokken bij het in- en uitpakken van het lijk en de poging om het lijk heimelijk te begraven. Schotrestdeeltjes op verdachte's kleding en DNA op het inpakmateriaal ondersteunen zijn betrokkenheid.
De rechtbank oordeelt dat verdachte geen redelijke verklaring heeft gegeven voor de schotrestdeeltjes en dat hij leugenachtige verklaringen heeft afgelegd. De betrokkenheid van verdachte was intensief en weloverwogen, ondanks dat het motief bij een mededader lag. Verdachte had eerder een veroordeling voor medeplegen van moord en was kort daarvoor vrijgelaten.
De rechtbank verwierp het verweer van niet-ontvankelijkheid van het Openbaar Ministerie. De straf is passend gelet op de ernst van de feiten, de rol van verdachte en zijn strafblad. De tijd in voorlopige hechtenis wordt in mindering gebracht.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot 16 jaar gevangenisstraf voor medeplegen van moord en poging tot lijkbegraving en verbergen.