ECLI:NL:RBSGR:2002:AE7947
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot continuering opvang op grond van vertrekmoratorium voor asielzoekers uit Centraal-Irak
Verzoekers, uitgeprocedeerd in hun asielaanvragen, vroegen om continuering van opvang op grond van het vertrekmoratorium voor personen uit Centraal-Irak. De rechtbank oordeelde dat de uitkomsten van eerdere asielprocedures, waarin de identiteit en Iraakse nationaliteit van verzoekers ongeloofwaardig werden geacht, leidend zijn voor de beoordeling.
De door verzoekers overgelegde authentieke Iraanse paspoorten en 'green cards', evenals brieven van de Iraanse ambassade, konden de eerdere feiten niet weerleggen. De rechtbank stelde vast dat verzoekers kunnen terugkeren naar Iran en niet onder het vertrekmoratorium vallen. Verzoekers konden daarom geen aanspraak maken op voortzetting van opvangvoorzieningen.
De rechtbank wees ook op het belang van formele rechtskracht van eerdere uitspraken en dat herhaalde aanvragen niet tot herbeoordeling leiden. De bezwaarschriften van verzoekers werden als ontvankelijk aangemerkt, maar hadden geen redelijke kans van slagen. De verzoeken werden afgewezen en er werd geen proceskostenvergoeding toegekend.
Uitkomst: De rechtbank wijst het verzoek tot continuering van opvang op grond van het vertrekmoratorium af omdat verzoekers niet aannemelijk hebben gemaakt onder het moratorium te vallen.