ECLI:NL:RBSGR:2002:AE7065
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening
- M.C.R. Derkx
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot schorsing uitzetting wegens schending hoorplicht en belangenafweging
Verzoeker, met Marokkaanse nationaliteit, vroeg verlenging van zijn verblijfsvergunning zonder beperking, welke werd afgewezen en leidde tot ongewenstverklaring. Tijdens bezwaar werd verzoeker gehoord door een ambtelijke commissie (AC), niet door de Adviescommissie voor Vreemdelingenzaken (ACVZ), wat volgens verzoeker een schending van de hoorplicht is.
De rechtbank oordeelde dat verweerder zich ten onrechte baseerde op een wetsontwerp dat met terugwerkende kracht de hoorplicht door de ACVZ zou doen vervallen. Dit wetsvoorstel was nog niet aangenomen, waardoor het achterwege laten van het horen door de ACVZ in strijd was met het overgangsrecht. Wel werd geoordeeld dat de uitzetting niet tot ernstige onomkeerbare schade zou leiden, mede omdat verweerder toezegde dat verzoeker alsnog door de ACVZ gehoord kan worden.
De rechtbank vond dat de belangen van verweerder, gezien de ernstige strafbare feiten van verzoeker, zwaarder wegen dan het belang van verzoeker om in Nederland te blijven tijdens de beroepsprocedure. Het verzoek om voorlopige voorziening werd daarom afgewezen.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen uitzetting wordt afgewezen en onmiddellijke uitzetting is toegestaan.