ECLI:NL:RBSGR:2002:AE5482
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- W. J. van Bennekom
- L. van Es
- J. S. Reid
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verblijfsvergunning op grond van klemmende humanitaire redenen voor gezin uit Turkije
Eisers, een Turks gezin met drie in Nederland wonende kinderen, vroegen om een verblijfsvergunning op grond van klemmende redenen van humanitaire aard en de tijdelijke regeling witte illegalen (TBV 1999/23). De rechtbank oordeelde in een eerdere procedure dat de kinderen niet zulke sterke banden met Nederland hadden opgebouwd dat terugkeer naar Turkije onaanvaardbare schade zou veroorzaken.
In deze procedure stelden eisers dat zij rechtmatig een sofinummer hadden gehad en dat hun integratie in Nederland, vooral die van de kinderen, een verblijfsvergunning rechtvaardigde. Verweerder wees dit af omdat uit onderzoek bleek dat zij niet voldeden aan de voorwaarde van rechtmatig bezit van een sofinummer tussen 1992 en 1998.
De rechtbank overwoog dat de brief van de huisarts, als nieuw bewijs, onvoldoende concreet was om het eerdere oordeel te wijzigen. Er waren geen nieuwe omstandigheden die verblijf op humanitaire gronden rechtvaardigden. De bestreden besluiten waren rechtmatig en in overeenstemming met het beleid en de wetgeving. Het beroep werd ongegrond verklaard en er was geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen de weigering van een verblijfsvergunning wordt ongegrond verklaard wegens het ontbreken van klemmende humanitaire redenen en het niet voldoen aan de voorwaarden van de tijdelijke regeling.